Welke soorten verslavingen zijn er?
.jpg)
Als je kijkt naar verslaving, wordt er meestal onderscheid gemaakt tussen twee soorten: middelenverslaving en gedragsverslaving.
Bij een middelenverslaving gaat het om iets wat je inneemt, zoals alcohol, drugs, medicijnen of suiker.
Bij een gedragsverslaving zit het in wat je doet, zoals scrollen, werken, gamenof gokken.
Dat onderscheid is vrij duidelijk. Tegelijk merk je misschien dat het in de praktijk minder los van elkaar staat. Dat wat je gebruikt invloed heeft op wat je doet. En andersom. Ontdek het verschil tussen middelen- en gedrags verslaving — en waarom je een verslaving niet doorbreekt met discipline.
Middelenverslaving
Bij een middelenverslaving gaat het om iets wat je inneemt — zoals alcohol, drugs, nicotine, pijnstillers, medicijnen, suiker of junkfood. Deze middelen doen iets met de stoffen in je lichaam. Soms voegen ze iets toe van buitenaf, maar vaak versterken, verschuiven of putten ze juist de stoffen uit die je al hebt. Daardoor kun je je tijdelijk rustiger, energieker of meer ontspannen voelen.
Tegelijk raakt je systeem uit balans, waardoor je lichaam daarna moet herstellen. Juist die verschuiving zorgt ervoor dat je er vaker naar teruggrijpt. Niet alleen omdat het prettig voelt, maar omdat het direct iets verandert in hoe je je ervaart.
Ook nadat het middel uit je lichaam is, kan datnog doorwerken. Je voelt je bijvoorbeeld onrustiger, sneller overprikkeld of minder helder in wat je nodig hebt — waardoor de neiging om opnieuw iets te nemen makkelijker ontstaat.
Gedragsverslaving
Bij een gedragsverslaving zit de afhankelijkheid niet in een middel, maar in wat je doet.
Voorbeelden zijn:
- scrollen
- werken
- gamen
- gokken
- seks of porno
Dit gedrag heeft vaak een vergelijkbaar effect als middelen. Het kan afleiden, spanning verlagen of juist een korte kickgeven. Het verschil is dat de “stof” hier uit je eigen lichaam komt. Door wat je doet, maakt je lichaam zelf stoffen aan die een bepaald gevoel geven.
Daardoor ontstaat er ook hier een patroon waarin je er steeds naar teruggrijpt. Niet alleen omdat het prettig is, maar omdat het iets verandert in hoe je je op dat moment voelt. En ook dit werkt door. Na verloop van tijd kun je je leger, onrustiger of minder vervuld voelen — waardoor de neiging ontstaat om het opnieuw te doen.
Wanneer is iets een verslaving?
De grens tussen “gewoon gedrag” en een verslaving is niet altijd zo duidelijk als het lijkt. Veel mensen denken dat iets pas een verslaving is als het extreem wordt. Als je bijvoorbeeld elke dag drinkt, niet meer kunt stoppen of er grote problemen ontstaan. Maar vaak begint het subtieler.
Bepaald gedrag of het nemen van een middel wordt een verslaving op het moment dat je merkt dat je er moeilijk mee kunt stoppen, ook als je dat eigenlijk op bepaalde momenten wel wilt. Dat je er vaker naar grijpt dan je van plan was. Of dat het een vaste manier wordt om met spanning, verveling of onrust om te gaan.
Je merkt het bijvoorbeeld hieraan:
- je neemt je voor om het anders te doen, maar dat lukt niet echt
- je gaat door, terwijl je ergens voelt dat het genoeg is
- het kost je energie om het onder controle te houden
- je blijft ermee bezig in je hoofd
Het gaat dus niet alleen om wat je doet of gebruikt, maar om de rol die het krijgt in je leven.
En om hoe vrij je nog bent om het wel of niet te doen. Lees hier meer over in de blog 'wanneer ben je verslaafd?'.
Wil je een gedragsverslaving aanpakken?
Als je kijkt naar hoe middelen en gedrag elkaar beïnvloeden, wordt ook duidelijk waar je kunt beginnen. Wil je een gedragsverslaving aanpakken — zoals scrollen, gokken of overmatig werken — dan ligt de eerste stap meestal niet bij dat gedrag.Maar bij de middelen die je systeem beïnvloeden.
Alcohol, drugs of suiker maken het moeilijker om te voelen wat je nodig hebt en waar je grens ligt. Daardoor wordt het makkelijker om door te gaan in gedrag dat eigenlijk niet meer klopt. Neem je dat weg, dan verandert er vaak al veel in je gedrag. Niet omdat je jezelf moet corrigeren, maar omdat je gewoon niet meer overmatig kúnt blijven werken of scrollen als je helderder, meer aanwezig en scherper door het leven gaat.
Wil je een middelenverslaving aanpakken?
Wil je een middelenverslaving aanpakken, begin dan met het middel dat de meeste invloed heeft op jouw keuzes. Voor de meeste mensen is dat (in deze volgorde):
- drugs
- alcohol
- suiker
- junkfood/frituur
- koffie
Deze middelen zorgen ervoor dat je minder goed voelt wanneer het genoeg is. Of waar je eigenlijk behoefte aan hebt. Je gaat makkelijker door en door, ook als je ergens merkt dat je wilt stoppen. Neem je dat weg – stop je met één van deze middelen, dan verandert er vaak al veel in hoe je je voelt. Niet omdat je jezelf moet dwingen om niets meer te nemen, maar omdat de behoefte minder sterk wordt zodra je systeem weer helderder en stabieler wordt.
Waarom minderen vaak niet werkt
Veel mensen proberen eerst te minderen:
Minder drugs.
Minder alcohol.
Minder suiker.
Alleen merk je vaak dat je ermee bezig blijft. Je moet jezelf inhouden, opletten en keuzes blijven maken. Omdat de invloed vanhet middel op je systeem blijft bestaan. En je verlangen (cravings) ernaar ook. Daarom voelt minderen vaak als trekken en volhouden. In plaats van dat er écht iets verandert. En dat het rustig wordt rondom jouw drank- of drugsgebruik.
Waarom stoppen op discipline meestal niet werkt
Als minderen al zoveel energie kost, lijkt volledig stoppen vaak nog moeilijker. Veel mensen proberen daarom te stoppen op discipline. Een beslissing maken. Doorzetten. Volhouden.
En soms lukt dat ook een tijd. Maar als de behoefte eronder niet verandert, komt het vaak weer terug. Niet omdat je het niet serieus neemt. Maar omdat je iets probeert onder controle te krijgen wat van binnen nog niet veranderd is.
Misschien herken je dat je al vaker hebt geprobeerd om te stoppen. Met drugs. Alcohol. Of suiker. Dat je weet wat je anders wilt doen, maar dat het toch niet vol blijft houden. Niet omdat je het niet kunt, maar omdat je op een gegeven moment niet goed meer weet waarom je zou stoppen.
Je weet het wel, maar je voelt het niet. En dus drink je toch weer. Of neem je toch weer drugs. In het e-book leg ik uit waarom stoppen op discipline niet werkt — en wat er wél.
Leestijd: ±20 minuten | Directe download | Geen e-mail nodig
Veelgestelde vragen over soorten verslavingen
Welke verslavende middelen zijn er?
Verslavende middelen zijn stoffen die invloed hebben op hoe je je voelt. Denk aan alcohol, drugs (zoals XTC, cocaïne ofcannabis), nicotine, medicijnen (zoals slaap- of kalmeringsmiddelen) en ook suiker of sterk bewerkt eten.
Hoewel ze verschillend lijken, hebben ze één ding gemeen: ze verstoren ofversterken processen in je lichaam, waardoor je je in eerste instantie directbeter voelt – waarna je hersteltijd nodig hebt. Lees hier meer over in de blog 'Welke middelen zijn verslavend?
Ja, en dat gebeurt vaak. Als je stopt met het één, kan iets anders sterker worden — bijvoorbeeld minder drinken, maar meer eten of scrollen. Dat komt omdat de onderliggende behoefte hetzelfde blijft, alleen de uiting verandert.
Omdat het direct iets verandert in hoe je je voelt. Het kan spanning verlagen, leegte opvullen of juist energie geven, waardoor het logisch gaat voelen om het te blijven doen. Juist dat maakt het lastig om ermee te stoppen, zelfs als je weet dat je het eigenlijk niet meerwilt.
Maar in de praktijk denken veel mensen dat ze wel kúnnen stoppen, maar het gewoonweg niet écht willen. Hierdoor blijft verslaving vaak lang onder de radar.
Omdat het niet alleen een gewoonte is om middelen als drugs, alcohol of suiker te nemen, maar iets wat je systeem is gaan gebruiken om jezelf (emotioneel) te reguleren. Als je stopt raak je eerst even helemaal ontregeld — en juist dat zorgt ervoor dat je toch weer gaat nemen. Dat heb je er dan namelijk niet voor over.
Tevens stoppen veel mensen op discipline: ze ontzeggen zichzelf iets waar ze eigenlijk gewoon nog erg naar verlangen. Als dit al werkt, is dat vaak van tijdelijke aard. Ontdek hier meer over in het e-book ‘Waarom stoppen op discipline niet werkt’ – lees het hier.
Vaak niet als eerste stap. Gedrag zoals scrollen, gokken of overmatig werken wordt vaak sterk beïnvloed door middelen zoals alcohol, drugs of suiker. Als je systeem helderder wordt, verandert gedrag vaak vanzelf mee — zonder dat je jezelf constant hoeft te corrigeren.






.jpg)

.jpg)