Waarom ben ik verslavingsgevoelig?

Man in gedachten verzonken met innerlijke onrust - denk na over zijn verslavingsgevoeligheid

Verslavingsgevoeligheid ontstaat wanneer er een verschil is tussen wat je van nature nodig hebt en hoe je daadwerkelijk leeft. Als jouw leven aansluit op jouw behoeften, voel je weinig spanning. Maar als dat niet zo is, ontstaat er onrust. Veel mensen leren die spanning te reguleren met alcohol, drugs of gedrag zoals scrollen of werken. Je genen bepalen voor een groot deel wat je nodig hebt, maar ze bepalen niet dat je van nature verslavingsgevoelig bent.

Verslavingsgevoeligheid betekent dat je sneller grijpt naar middelen of gedrag om je anders te voelen. Vaak wordt dit toegeschreven aan je genen of hersenstructuur. Maar eigenlijk zegt het niet zoveel over hoe sterk een middel op jou werkt, meer over hoe vervuld jij je in de basis voelt. Hoe groter het verschil tussen wat je nodig hebt en hoe je leeft, hoe meer spanning jij in je hebt - hoe sterker de drang naar iets dat die spanning wegneemt.

Waarom het voelt alsof er iets mis is met je

Veel mensen denken dat ze verslavingsgevoelig zijn omdat er “iets mis” met ze is. Dat ze minder discipline hebben. Zwakker zijn. Gevoeliger. Je ziet anderen gewoon één drankje drinken of zelfs aan een drankje nippen, terwijl jij het nooit bij één of twee kunt laten en al snel doorschiet. Maar wat als dit niet komt doordat je zwakker bent? Of verslavingsgevoeliger, maar gewoonweg (veel) meer nodig hebt dan gemiddeld?

Meer diepgang.
Meer vervulling.
Meer echte bevrediging.

Wat is verslavingsgevoeligheid?

Vaak wordt gedacht dat verslavingsgevoeligheid betekent dat je meer risico loopt om afhankelijk te worden van middelen of gedrag. Zoals alcohol, drugs, gokken, werken of scrollen. Dat het bij jou simpelweg meer vat op je krijgt dan bij iemand anders. Dat je er sneller naar grijpt én het moeilijker loslaat. Bijvoorbeeld door genetische aanleg of hoe je brein werkt.

Alsof jij gevoeliger bent voor de effecten, of er juist meer van nodig hebt om je goed te voelen. Daarmee lijkt verslavingsgevoeligheid vooral te worden bepaald door genen, hersenen en het middel. Alsof je simpelweg pech hebt gehad, en anderen geluk, omdat zij wel “gewoon met mate kunnen genieten” en jij niet. Daarmee komt de focus vooral te liggen op jouw “zwakte”.

Verslavingsgevoeligheid gaat niet over het middel

Verslavingsgevoeligheid zegt eigenlijk minder over hoe sterk een middel op jou werkt en meer over hoe vervuld jij je in de basis voelt. De één voelt zich sneller verzadigd, de ander blijft zoeken. Als dat gevoel van vervulling ontbreekt, ga je op zoek naar meer.

Meer prikkels, meer ontspanning, meer verdoving of juist meer intensiteit. Bijvoorbeeld in alcohol, drugs of gedrag zoals scrollen. Het gaat dus niet alleen om wat je neemt. Maar om wat je mist en wat probeert op te vullen.

Waarom de één stopt en de ander doorgaat

Stel je eens iemand voor die op het terras gaat zitten voor een drankje. Iemand die zich in een bepaalde mate vervult en rustig voelt in z’n leven, een goede dag heeft gehad en al zin heeft in de volgende dag. Die persoon zit rustig op dat terras en nipt lekker van een wijntje. 

Stel je dan eens iemand anders voor die op het terras gaat zitten voor een drankje. Iemand die zich gefrustreerd voelt, omdat hij geen idee heeft waar iedereen mee bezig is op zijn werk. Waar we het allemaal voor doen en wat het nut is van het leven. Hij heeft totaal geen zin in dezelfde sleur van de volgende dag. Hij verveelt zich en kampt met existentiële levensvragen, waar hij maar niet uitkomt. 

Deze persoon begint onrustig aan z’n eerste biertje. En klokt er zo nog een paar weg, om van z’n onrust af te komen. Niet omdat die persoon zwakker of verslavingsgevoeliger is. Maar omdat er simpelweg meer behoefte is aan bevrediging in die persoon z’n leven/de dag: hij is nog niet waar hij kan of moet zijn. En de ander wel.

Wat verslavingsgevoeligheid écht is

Verslavingsgevoeligheid ontstaat wanneer er een gat zit tussen hoe jij je voelt en hoe je je wílt voelen. Als het leven knelt, ga je zoeken naar iets dat dat gevoel verandert. Hoe groter dat verschil, hoe sterker de drang. En hoe groter de kans dat je blijft hangen in middelen of gedrag. Niet omdat je niet kunt stoppen, maar omdat je er iets in probeert te vinden. Een grens. Rust. Contact. Bevrediging. Of simpelweg het gevoel dat je leven klopt.

Heeft verslavingsgevoeligheid met je genen of je brein te maken?

Ja, maar niet op de manier waarop het vaak wordt uitgelegd. Het gaat minder om “gevoelig zijn voor een middel” of voor “beloning” of “dopamine”. Iedereen is daar gevoelig voor. Iedereen wordt daardoor gedreven. Het verschil zit ‘m in wanneer iets voor jou voldoende is. Wanneer jij die beloning ervaart. 

Wat voor de één genoeg is om zich vervuld te voelen, is voor de ander te weinig. En wat voor de één te veel is om te kunnen dragen, is voor de ander precies goed. Als jij bijvoorbeeld intenser voelt, sneller denkt of meer diepgang nodig hebt, heb je simpelweg meer nodig om je echt goed te voelen. Lees hier meer over in de blog 'hoogbegaafd en verslaafd'.

Waarom is de één sneller tevreden, dan de ander?

Dat de één sneller bevredigd is dan de ander, heeft alles te maken met wat je van nature nodig hebt, aankunt en wat er ‘in jou zit’ - je potentie. Iedereen wordt geboren met zijn of haar unieke potentie. Dit klinkt abstract en is het - tot het tot uiting komt - ook. Je weet namelijk niet wat er in je zit, tot het er daadwerkelijk uit komt.

Potentie kun je voelen in de vorm van levensenergie. Zin om iets van het leven te maken. Je te ontwikkelen. En onbenutte potentie kun je voelen in de vorm van frustratie, depressie of eenzaamheid. Ook kun je dit op andere manieren signaleren. Bijvoorbeeld door gedachten als ‘is dit nu alles?’ of ‘ik heb zo veel meer in me, maar het komt er gewoon niet uit’ of ‘ik ben nog steeds niet de persoon die ik kan zijn’.

Waarom je drinkt of drugs gebruikt

Als je gewend bent dit soort gevoelens en gedachten weg te werken of te verdoven met middelen als alcohol of drugs en niet daadwerkelijk iets doet met deze signalen - om je leven te vormen naar wat je wel écht nodig hebt - kun je in een vicieuze cirkel terechtkomen. 

Je voelt je gefrustreerd omdat je niet uit de verf komt, drinkt of gebruikt drugs om die gevoelens te onderdrukken en vervolgens voel je je gefrustreerd omdat er niets veranderd - en je dus wederom niet uit de verf komt.

In deze cirkel kan het zo zijn dat je steeds meer middelen nodig hebt om je innerlijke stem te dempen. De stem die zegt dat je relatie zo niets meer waard is. Dat je werk saai is. Dat je de wereld niet begrijpt of opperlvakkig vindt. Je probeert deze steeds harder weg te drukken.

Het lukt dan niet meer om een wijntje rustig te nippen. Je voelt drang om direct all the way te gaan en je bijvoorbeeld even gewoon weer 'normaal', vrij of verbonden met anderen te voelen. Het gat tussen wat je nodig hebt en wat je jezelf geeft is te groot en je werkt dit weg met middelen.

Wanneer ontwikkelt een verslaving?

In die zin spelen je genen dus wél een rol. Ze bepalen voor een groot wat jij nodig hebt in het leven - ook anders dan anderen. Maar ze bepalen niet of je een verslaving ontwikkelt. Dat hangt af van wat er met jouw behoeften gebeurt.

Als jouw leven aansluit op wat er in je zit, als je genoeg uitdaging, diepgang en vervulling ervaart, ontstaat er relatief weinig spanning. Je voelt je meer verzadigd. Meer “af”. En hebt geen middelen nodig om bevredigd te worden. 

Maar als jouw leven achterblijft bij wat je in je hebt - wat tot ontwikkeling wil komen, gebeurt er iets anders. Dan ontstaat er spanning. Je voelt je ontevreden, onbevredigd of onrustig. Alsof er iets ontbreekt, zonder dat je precies weet wat. Je ontwikkeling loopt niet synchroon met wat jij van nature aankunt en nodig hebt. Niet omdat er iets mis is met je. Of omdat je zwak bent. Maar omdat wat er in je zit geen uitweg vindt. Doordat je bijvoorbeeld niet goed weet hoe je hier handen en voeten aan kunt geven. Of bang bent om anderen te verliezen als je meer voor jezelf gaat kiezen.

Hier ontstaat verslavingsgevoeligheid. Niet door genen alleen, maar door de combinatie van wat er in je zit en wat er uit je komt. Hoe groter het verschil tussen jouw behoeften en je (dagelijkse) leven, hoe groter de spanning en hoe groter de kans dat je iets gaat gebruiken om dat gevoel te veranderen.

Hoe spanning leidt tot verslaving

Spanning wil gereguleerd worden. En daar komen middelen en gedrag in beeld. Alcohol, drugs, scrollen, werken of eten geven tijdelijk ontspanning, verdoving of juist een gevoel van intensiteit. Ze helpen je niet alleen om je anders te voelen. 

Ze helpen je ook om te blijven functioneren binnen een leven dat eigenlijk niet helemaal (meer) klopt. Je gebruikt ze om werk vol te houden dat je leegtrekt, om een relatie te dragen die niet echt voedt, of om gevoelens van verveling, onrust of zinloosheid te dempen. 

Kortom: ze helpen je aanpassen. Ze maken het mogelijk om door te gaan, zonder dat je iets hoeft te veranderen. Maar daarmee lossen ze niets op. Ze verschuiven het alleen.

Misschien herken je dit patroon ook bij jezelf

Ik heb hier zelf ook jarenlang in gezeten. Steeds opnieuw proberen. Aanpassen. Doorgaan.
En drinken. Niet één glas. En niet alleen voor de gezelligheid. Maar om iets te bereiken. Een grens. Contact. Bevrediging. Rust. Een punt waarop het eindelijk stil werd van binnen. Maar dat punt kwam maar niet. 

Hoe meer ik het zocht in alcohol, hoe verder ik ervan af kwam te staan. Ik dacht dat ik dichterbij kwam, maar ik raakte mezelf juist kwijt. Ik kwam niet los van alcohol. Ik kwam er steeds verder in vast te zitten. Ik vertel je hier graag over in ‘mijn verhaal’ - zodat je misschien herkenning vindt in wat ik zeg. En kunt gaan doen wat je wel écht bevredigt, wat je verder helpt.

Mijn verhaal deel ik alleen op verzoek. Niet omdat het geheim is, maar wel omdat het iets van mij vergt om dit met anderen te delen. Als je het wilt horen, kun je mijn verhaal hier opvragen.

Veelgestelde vragen over verslavingsgevoeligheid

Is verslavingsgevoeligheid aangeboren?

Niet zoals dit vaak wordt gezegd. Je genen spelen wel een rol: ze bepalen voor een groot deel je potentie, hoeveel je aankunt, nodig hebt en waar je vervulling in vindt. Maar ze bepalen niet of je een verslaving ontwikkelt. Dat ontstaat pas wanneer er een verschil is tussen wat er in je zit - wat je uit het leven kunt halen - en wat je er daadwerkelijk uit haalt. Kortom: als jij je volle potentie leeft, heb je geen last van verslavingsgevoeligheid.

Is verslavingsgevoeligheid erfelijk?

Deels. Je genen bepalen voor een groot deel je potentie: hoeveel je aankunt, nodig hebt en waar je vervulling in vindt. Maar ze bepalen niet of je verslaafd raakt. Dat hangt af van het verschil tussen die potentie en hoe je leeft. Als verslaving in je familie voorkomt, kan dat betekenen dat er een patroon in het systeem is van onbenutte potentie - van jezelf te veel aanpassen aan het systeem om te kunnen overleven, niet per se van "verslavingsgenen".

Waarom kan ik niet stoppen, terwijl ik dat wel wil?

Omdat wat je doet je nog iets oplevert. Ontspanning. Verdoving. Afleiding. Of juist een gevoel van contact of intensiteit. Zolang je dat ergens anders niet vindt, blijft de drang bestaan. Doe ook de zelftest ‘wat leveren alcohol of drugs jou (nog) op?’ om meer inzicht te krijgen in de functies die middelen in je leven hebben.

Heeft verslavingsgevoeligheid met discipline te maken?

Nee. Je kunt jezelf tijdelijk dwingen om te stoppen. Maar als de behoefte er nog is, komt die vroeg of laat terug. Verslavingsgevoeligheid gaat niet over te weinig wilskracht. Het gaat over een onderliggende behoefte die nog niet vervuld is. Potentie die nog niet geleefd is. Ontdek hier meer over in het e-book ‘waarom stoppen op discipline niet werkt - en wat wél werkt’. 

Wanneer wordt iets een verslaving?

Niet alleen wanneer je vaak gebruikt of het niet meer onder controle hebt of grote problemen hebt. Maar vooral wanneer je het nodig hebt om je anders te voelen. Wanneer het een vaste manier wordt om met spanning, onrust of leegte om te gaan. Wanneer je automatisch verlangt - en daardoor grijpt - naar alcohol, drugs of andere (verslavende) middelen. Niet per se omdat je er altijd zo’n zin in hebt, maar omdat je wilt vermijden hoe je je gaat voelen als je het (even) niet neemt. 

Kan verslavingsgevoeligheid verdwijnen?

Ja, maar niet door zomaar (op discipline) te stoppen met drank of drugs. Het verandert wanneer je leven meer gaat aansluiten op wat je in je hebt. Wanneer je minder hoeft te zoeken naar iets externs om je goed te voelen. Dan verdwijnt de drang vaak vanzelf naar de achtergrond. Wil je hier begeleiding bij? Lees meer over de Premium Life Academy.

Waarom lijkt het alsof anderen hier geen last van hebben?

Omdat niet iedereen hetzelfde nodig heeft. Wat voor de één genoeg is om zich vervuld te voelen, is voor de ander te weinig. Dat heeft te maken met je aanleg en hoe je bent als persoon. Het zegt dus niet dat jij zwakker bent. Maar dat jouw grens (het gevoel van bevrediging) ergens anders ligt. Vaak verder dan waar anderen deze hebben.

Komt verslavingsgevoeligheid altijd door onbenutte potentie?

In de kern wel. Verslavingsgevoeligheid ontstaat wanneer er een verschil is tussen jouw potentie en hoe je leeft. Dat kan betekenen dat je te weinig uit jezelf haalt. Maar ook dat je juist te veel moet, of leeft op een manier die niet bij je past.

Je genen bepalen voor een groot deel je potentie — wat je aankunt, nodig hebt en waar je vervulling in vindt. Als jouw leven daar niet op aansluit, ontstaat er spanning. Omdat je jezelf inhoudt. Of juist omdat je jezelf overvraagt.

Die spanning kan verschillende vormen aannemen. Onrust, stress, frustratie of leegte. Maar wat eronder ligt, is hetzelfde: dat je niet leeft op een manier die bij jou past. En precies daar ontstaat de drang om dat gevoel te veranderen. Met alcohol, drugs of gedrag. Niet omdat je zwak bent. Maar omdat je systeem probeert om weer in balans te komen.

Wat is het verschil tussen verslavingsgevoelig en verslaafd?

Verslavingsgevoelig betekent dat je sneller en meer wilt nemen van middelen als drugs of alcohol om je anders te voelen dan anderen. Of je het ook daadwerkelijk in die mate neemt of niet maakt in principe niet uit wat betreft ‘verslaafd zijn’. Je bent verslaafd op het moment dat je verlangen hebt naar deze middelen - in welke mate dan ook. Lees hier meer over in mijn blog ‘wat is een verslaving?’.

Waarom lijkt het alsof anderen hier geen last van hebben?

Omdat niet iedereen hetzelfde nodig heeft. Wat voor de één genoeg is om zich vervuld te voelen, is voor de ander te weinig. Dat heeft te maken met je aanleg en hoe je bent als persoon. Het zegt dus niet dat jij zwakker bent. Maar dat jouw grens (het gevoel van bevrediging) ergens anders ligt. Vaak verder dan waar anderen deze hebben.

Over Mirte Hultink

Mirte Hultink is premium life coach. Ze werkt met mensen die willen stoppen met verslavende middelen als alcohol, drugs of suiker wanneer discipline of wilskracht niet werkt.

Met haar - uit eigen ervaring - ontwikkelde methode grijp je in vóór je behoefte ontstaat, waardoor je innerlijk strijd stopt en je vanzelf niet meer neemt.

Mijn verhaal

Op dit moment ben ik mijn persoonlijke verhaal zorgvuldig aan het opnemen en samenbrengen — omdat ik het wil delen op een manier die voor mij echt klopt. In dit verhaal ontdek je onder andere:

  • Hoe ik jarenlang vastzat in alcohol
  • Waarom het me niet lukt om te stoppen
  • Hoe het me uiteindelijk wél is gelukt - niet alleen te stoppen, maar ook echt innerlijk vrij te worden

Ik deel dit verhaal alleen op verzoek. Niet omdat het geheim is, maar wel omdat het kwetsbaar is. Laat je gegevens achter en ik stuur je de kijklink.

Thank you! Your submission has been received!
Oops! Something went wrong while submitting the form.